Publicatiedatum: 19-2-2007

'Nieuwe generatie wil parttime werk'

Berk, accountants en belastingadviseurs

AMSTERDAM - Belastingadviseur Erwin Morriën werkte acht jaar bij KPMG. 'Ik werk 80%. Bij KPMG kreeg ik steeds het gevoel dat dat niet gewaardeerd werd. Het werd bij ieder beoordelingsgesprek gememoreerd', vertelt hij. 'Ik kreeg het idee dat ze het me misgunden om én carrière te maken én een leuke vader te zijn.'

De leuke vader (derde kind is op komst) werkt daarom sinds oktober bij Berk. Het accountants- en belastingadviesbureau legt in zijn arbeidsmarktcommunicatie de nadruk op het privéleven van de medewerkers. In de advertenties zien we werknemers voetballen, winkelen, hun verjaardag vieren en fietsen met hun kind. Op die manier wil Berk een alternatief bieden voor de hectiek bij de grote vier accountants, de 'Big Four' (Deloitte, KPMG, Ernst & Young en PricewaterhouseCoopers), waar veel te weinig mensen veel te veel werk moeten doen.

Dat werkt, zegt Hans Koning, managing director van Berk. 'Vorig jaar hebben we 224 nieuwe mensen aangesteld en daarmee zijn we 80 koppen, of 65 fte's gegroeid.' En dat terwijl er een structureel tekort aan accountants is. Koning: 'Uit onderzoek van brancheorganisatie Nivra blijkt dat de balans werk-privé dé bindende voorwaarde is voor accountants. Dat hebben wij serieus genomen. Bij de Big Four hebben ze ook door dat ze moeten zeggen dat je bij hen parttime kunt werken en dat ze rekening houden met het privéleven, maar dat kunnen ze in de praktijk niet waarmaken.'

Dat herkent Bianca van Lochem, accountant bij Berk, afkomstig van PricewaterhouseCoopers (PwC). 'Vrouwelijke collega's met parttimecontracten waren daar in het jaarcijferseizoen toch vijf dagen per week aan het werk', zegt ze, 'Ik wilde iets anders dan heel snel, heel hard, heel hoog. In zo'n organisatie moet je snel doorstromen. Als je dat niet wilt, lijkt het alsof je je moet verdedigen.'

De werkzaamheden zijn bij Berk hetzelfde als bij PwC, alleen de klanten niet. 'Ik vind het net zo gevarieerd, maar inderdaad, we hebben geen internationale beursgenoteerde klanten', zegt Van Lochem, 'Toen ik vier jaar geleden van de heao af kwam, was dat ontzettend belangrijk. Nu niet meer.'

Accountant Jankhim Han was vennoot bij Ernst & Young. In de achttien jaar dat hij er zat, zag hij de werkdruk toenemen. 'Bij de vraag: wat kunnen we bij de klant minder doen, was de rek er wel uit, dus werd het: wat kunnen we de mensen meer laten doen? Ik denk dat ik zestig uur per week maakte. Je bent steeds minder bij de klant, je ziet de uurtarieven stijgen en de dagen worden langer. Die ontwikkeling zag ik niet als incident. Je kunt je vak nog zó leuk vinden, met dat vooruitzicht wordt het steeds minder aantrekkelijk.'

Han constateert dat de huidige generatie startende accountants andere prioriteiten heeft. 'Mijn ambitie was destijds om vennoot te worden. De nieuwe generatie wil parttime werken en vindt het niet erg dat ze voor dat soort functies niet meer in aanmerking komt. Bovendien weten ze dat de vennoot tegenwoordig slechts de best betaalde werknemer is.'

Morriën: 'Toch is er nog een behoorlijk aantal mensen dat zo snel mogelijk vooruit wil komen in zijn werk. Die zijn beter op hun plaats bij de Big Four.'

HILDA BOUMA

Dit is het tweede deel van een serie waarin de spanning op de arbeidsmarkt wordt gepeild.

Copyright (c) 2007 Het Financieele Dagblad